woensdag 2 mei 2012

Meditatie: een introductie

Als je geen idee hebt wat meditatie eigenlijk inhoudt volgt hier een korte introductie. De hier beschreven vorm van meditatie wordt ook nog vaak door mensen met jarenlange ervaring beoefend. Dit is de basis, maar het wordt later niet vervangen door iets wat veel beter is. Ook als je al jarenlang mediteert lijkt het nog steeds vaak op datgene wat je in het begin ook al deed: rustig alert zijn.

Meditatie is zeker niet complex en moeilijk, er zijn geen voorwaarden vooraf en je kunt er op elk moment mee beginnen.

Je kunt door het jachtige tempo van het huidige leven gemakkelijk het idee krijgen dat er eigenlijk geen tijd of gelegenheid is om te mediteren. Maar laat haast en drukte geen excuus worden om zo af en toe even de tijd te nemen om de rust van meditatie te ervaren. Ook als je maar kort mediteert heeft dit al heilzame effecten.

Het beste is als je probeert om een paar minuten per dag te gaan mediteren, en dat je dit geleidelijk uitbreidt. Er is geen enkele reden om jezelf te dwingen meer te doen dan je zou willen; net als in yoga doe je datgene wat het beste bij jou past en probeer je te vermijden dat je jezelf klem zet door te denken dat je aan allerlei verwachtingen zou moeten voldoen.

Er zijn heel veel verschillende vormen van meditatie, maar deze simpele oefening wordt door alle tradities aanbevolen. Hij kan door iedereen gedaan worden. Het maakt niet uit of je jezelf als christen, atheïst, boeddhist of scepticus beschouwt; het beoefenen van meditatie is onafhankelijk van geloof of overtuiging.

Je houding
Om dat te bereiken ga je comfortabel zitten. Als dat niet mogelijk is kun je ook gaan liggen, al is de kans dat je dan in slaap valt wel groter. Je kunt gewoon een stoel gebruiken – als het mogelijk is dat je op eigen kracht rechtop zit, doe dit dan, anders mag je ook de leuning gebruiken. Er is ook niets op tegen om op een bank te gaan zitten, in het zand, tegen een muur, etc.

De bedoeling is dat je comfortabel zit zodat je niet teveel wordt afgeleid door lichamelijk ongemak of irritatie. Als je op een stoel zit zet dan je beide voeten op de grond en zorg dat de bovenbenen evenwijdig aan de vloer zijn. Voeten, knieën en schouders vormen één lijn. Leg je handen ontspannen neer in je schoot, met de palmen omhoog, het liefst boven elkaar, maar je kunt ze ook op de knieën leggen.

Hou je hoofd recht, de kin iets ingetrokken. Zorg dat je niet gaat doezelen. Als je merkt dat je slaperig wordt kun je even met je hoofd heen en weer bewegen. Soms helpt het als je voorstelt dat er een draadje vanuit de kruin van je hoofd omhoog gaat en dat dit je omhoog trekt.

Je kunt ook op een meditatiekussen gaan zitten in de lotus of half-lotus positie. Je gaat niet perse beter mediteren als je klassieke Indiase houdingen kunt aannemen. Belangrijkste is dat je een houding vindt waarin je langere tijd comfortabel kunt zitten zodat je je met gemak kunt wijden aan meditatie.

Ontspannen alert zijn lukt veel beter als de lucht fris is. Zet, als dat mogelijk is, een raam open als je mediteert.

Wanneer en hoe lang?
Er is geen speciale tijd die meer geschikt is dan andere om te mediteren. Traditioneel wordt vaak de ochtend of de middag aanbevolen, maar elke tijd is een goede tijd. Wanneer het uitkomt. Je kunt ook allerlei verloren momentjes van de dag gebruiken. Beter 4 keer per dag 5 minuten dan niet mediteren omdat je geen 20 minuten vrij kunt maken. Ook zulke korte meditaties zijn heilzaam.

Toch valt er veel voor te zeggen om er naar te streven om 2 x per dag een half uur te mediteren. Je kunt een keukenklokje, speciale cd’s, je iPhone of wat dan ook gebruiken om je te laten weten dat er een half uur verstreken is. Zeker als je wat vaker regelmatig mediteert zul je merken dat je ook echt zin krijgt om te gaan zitten. Wat in het begin een opgaaf lijkt wordt later een verlangen. Mediteren kan bijzonder prettig zijn.

Wat doe je?
Als je eenmaal zit, ogen gesloten of halfgesloten, richt je je aandacht eerst op je lichaam. Je kunt, als je dat wilt een bodyscan doen. Voel dan eerst de stand van je voeten, je onderbenen, je billen en geslachtsdelen, je buik en rug, je armen, je nek en je hoofd. Ga rustig met je aandacht langs alle delen van je lichaam, je kunt als je dat wilt een aantal keren op en neer gaan met je aandacht. Er zijn misschien allerlei sensaties en je kunt van alles en nog wat voelen, maar probeer zo veel als dat mogelijk is alleen maar te constateren dat er lichamelijke sensaties zijn, zonder dat je er verder iets mee doet.

Richt je aandacht vervolgens op de adem. Je kunt dat doen door je bewust te worden van het op en neer gaan van je buikwand, maar je kunt er ook voor kiezen om te voelen hoe de lucht je neus in – en uit gaat. Een goede methode kan ook zijn dat je bij iedere inademing mee telt tot je bij tien bent, en dan weer opnieuw begint bij één. Als je merkt dat je met je aandacht afgeleid wordt begin je gewoon opnieuw met tellen.

Je hoeft niets aan je ademhaling te veranderen. Merk gewoon op hoe je ademt. Merk gewoon op hoe je zit. Merk gewoon op hoe gedachten voorbij komen.

Aandachtig zijn
En daarbij zijn we dan bij het meest lastigste aspect van meditatie gekomen; kijken naar gedachten zonder daar in mee te gaan. Je zult merken dat je, zeker in het begin, keer op keer “meegenomen” wordt door de stroom van gedachten. Het is ook goed mogelijk dat je meer een gevoelstype bent en keer op keer meegaat in allerlei gevoelens. Dat is niet erg, maar het is niet de bedoeling.

Als je merkt dat je afgeleid bent geraakt keer dan terug. Verwijt jezelf niks, maar richt rustig je aandacht weer op je ademhaling en ga weer tellen als dat je helpt. Je kunt ook heel goed gebruik maken van bepaalde woorden die je keer op keer herhaalt. “Rust. Vrede. Stilte”. Het is okay om zachtjes tegen je zelf te zeggen “Ik voel me veilig” “Ik ben stil en vredig”. Je kunt zelf allerlei variaties bedenken – als ze je helpen om kalm en alert te zijn is het goed.

Wees stil, rustig en alert. Laat je niet meenemen door gedachten, beelden en gevoelens, laat je niet afleiden door sensaties en impulsen, maar richt je aandacht op het rustige ritme van je ademhaling. Probeer steeds meer bewust te worden van de achterliggende vrede en stilte, maar wees niet boos op jezelf als dat eens een keer niet lukt. Sommige meditatie sessies gaan beter dan anderen, dit is natuurlijk.

Maak er geen wedstrijd of prestatie van. Doe niet heel hard je best. Ontspan. Laat de dingen zijn. Wees niet ongeduldig, verwacht er niet te veel van. Meditatie heeft op de lange termijn allerlei hele prettige gevolgen, maar zit niet als een roofvogel te wachten op het verschijnen daarvan. Meditatie is niet spectaculair.

Wees vredig en sereen. Geniet van de rust en stilte. Blijf ontspannen en alert. Hoe vaker je dit doet, hoe gemakkelijker het je afgaat. Op den duur zul je deze ontspannen stilte ook ervaren als je druk bezig bent. Het wordt dan de constante achtergrond van je ervaring.

Als je klaar bent met mediteren beweeg je misschien eerst een paar keer je voeten, wrijf je je handen tegen elkaar. Misschien wil je nog je benen, buik of borst even aanraken. Schudt je hoofd even zachtjes heen en weer, doe je ogen open, kijk wat om je heen. Sta langzaam op en keer dan rustig weer terug naar je activiteiten.

Effecten van meditatie
Er zijn al heel wat onderzoeken naar meditatie gedaan, en er verschijnen ook nog steeds nieuwe studies. Een aantal van de meest genoemde effecten van meditatie zijn onder andere:

  • Een afname van stress en spanning, minder schrikachtig
  • Een versterking van het immuunsysteem, robuustere gezondheid
  • Gevoelens en emoties worden evenwichtiger en minder extreem
  • Een afname van gevoelens van depressie, onmacht en angst
  • Afname van gevoeligheid voor verslaving
  • Een toename van ontspannen en alert aanwezig zijn
  • Een toename van het zelfvertrouwen
  • Een sterker gevoel van eigenheid
  • Evenwichtiger en minder snel uit balans
  • Gevoelens van kracht en verbondenheid
  • Spirituele groei, meer liefde, geduld en vriendelijkheid
  • Optimisme, vertrouwen, zelfwaardering
  • Sterker vermogen tot langdurige concentratie

Bron: www.vrolijkverlicht.nl




zondag 29 april 2012

Als je verlicht wilt worden, neem dan je schaduw mee...

Verdriet, angst en wanhoop: hoe je negatieve emoties verandert in positieve ervaringen.

Door: Miriam Greenspan

Een mens raakt niet verlicht door aan lichte figuren te denken,’ heeft psychiater Carl Jung eens gezegd, ‘maar door zich van de duisternis bewust te maken.’ Jung, de bedenker van het psychologische begrip ‘schaduw’ — de onwelkome delen van onszelf die we voor het bewustzijn verborgen houden — voegde daar scherpzinnig aan toe: ‘Het is alleen geen prettig proces en daarom niet erg geliefd.’

In een cultuur waarin we gewend zijn aan snelle oplossingen voor het minste gevoel van onbehagen, zal niemand het aantrekkelijk vinden verlichting te zoeken via duisternis. Zo is het opvallend dat de positieve psychologie boven aan de populariteitslijsten van de psychologie staat — en dat terwijl de bedreigingen voor de aarde alleen maar groter en ernstiger zullen worden. Nu angst, depressie, verslaving en tal van andere emotionele stoornissen epidemische vormen beginnen aan te nemen, lijkt de positieve psychologie met haar nadruk op prettige emoties een uitstekende remedie voor al onze kwalen. En daarbij helpt ze vaak ook bij minder ernstige vormen van emotioneel leed.

Maar er zijn momenten waarop ‘positief blijven’ niet werkt en we door tegenslag worden gedwongen aandacht te schenken aan donkerdere problemen die we liever vermijden of ontkennen. Op die momenten laten de verborgen zorgen zich nauwelijks meer door een opgewekte glimlach verdoezelen. De schaduwemoties worden alleen maar groter door alle pogingen ze te onderdrukken. Vroeg of laat zullen de onaangename emoties de kop op steken.

De ergste onaangename emoties — die het meeste leed veroorzaken, het moeilijkst te verwerken zijn en ons de meeste last geven als we ze niet kunnen verdragen — zijn verdriet, angst en wanhoop, de donkere emoties zoals ik ze noem. Deze donkere emoties — de universele kenmerken van onze gevoeligheid voor verlies, pijn, ziekte, dood, onzekerheid en geweld — zijn onwelkome gasten, maar ze zijn net zo onlosmakelijk met het mensenleven verbonden als liefde, blijdschap en verwondering.

Verdriet krijg je door het besef dat je weliswaar niet alleen bent, maar dat datgene wat je met anderen verbindt, ook je hart kan breken. Volledig doorleefd verdriet brengt als onverwachte beloning een gevoel van dankbaarheid voor de verloren geliefde en voor het leven.

Hoewel angst vaak wordt beschouwd als een rem op het handelen, is het tegendeel waar: angst waarschuwt voor gevaar en dwingt je tot handelen om je leven te redden. Je kunt je vermogen om te genieten vergroten door bewust contact te zoeken met de angst en het bijbehorende gevoel van kwetsbaarheid te accepteren.

Ook wanhoop — een eenmalige emotie, in tegenstelling tot depressiviteit, die chronische, vastgeroeste wanhoop is — heeft een functie. Door wanhoop, een blijk van het typisch menselijke zoeken naar betekenis, word je opgewekt om illusies door te prikken, de ziel te genezen en de zingeving te zoeken die je in moeilijke tijden tot steun kan zijn. De welverdiende beloning na een reis door de donkere nacht van de wanhopige ziel is een sterker, veerkrachtiger geloof in het leven.

Natuurlijk beleeft niemand verdriet, angst en wanhoop in eerste instantie op die manier. Dacht u de laatste keer dat u zich verdrietig, bang of wanhopig voelde: wat menselijk en moedig van me om me van deze duisternis bewust te worden? Of juist: waarom zit ik zo in de put en ben ik zo zwak en ellendig?

In onze cultuur worden de donkere emoties als symptomen van verzwakking en ziekte beschouwd in plaats van de donkerdere tinten in ons veelkleurige emotionele palet. We noemen ze negatief, maar dat zijn ze niet: wij staan er alleen negatief tegenover. De angst voor en de verwaarlozing van emoties in het algemeen en zogenaamd negatieve emoties in het bijzonder zijn aspecten van wat ik emotiefobie noem. Wanneer we de donkere emoties geen recht doen, zullen ze zich door hun sterke effect uiteindelijk in verwrongen, irrationele en destructieve vormen manifesteren, zoals verslaving aan alcohol, drugs, seks, winkelen of het internet, chronische depressiviteit, angsten en fobieën of emotionele afstomping, of de neiging tot zelfdestructief of gewelddadig gedrag. Deze emotionele kwalen van onze tijd zullen verder uit de hand lopen naarmate we de donkere emoties dieper wegstoppen in het vuilnisvat in de schaduw van ons bewustzijn.

Bij het buffet van menselijke emoties zijn we allemaal kieskeurig en pikken we alleen de lekkere, lichte hapjes eruit. Maar het leven vindt altijd een weg om ons onze portie verdriet, angst en wanhoop voor te schotelen van de donkere kant van de tafel. De vraag is: kunnen we ons laten voeden door de dingen die ons tegenstaan?

Of een donkere emotie destructief of transformatief uitpakt, hangt af van de vraag of we kunnen doen wat Jung voorschrijft: je van de duisternis bewust maken. Emotionele aandacht — het vermogen om volledig bewust te blijven van en contact te zoeken met onwelkome emoties die zich in het lichaam manifesteren — is essentieel voor emotionele alchemie, het proces waarbij het lood van onze ergste gevoelens wordt omgezet in het goud van spirituele kracht en wijsheid.

Toen mijn eerste kind, Aaron, werd geboren, kon hij niet zuigen of slikken en hij overleed zesenzestig dagen later in mijn armen, zonder ooit het ziekenhuis te hebben verlaten. Niemand begreep het, de artsen al helemaal niet. Tijdens mijn zwangerschap was er geen vuiltje aan de lucht geweest. Op de een of andere manier had Aaron voor zijn geboorte zuurstofgebrek gehad. Ik had verwacht op de roze wolk van het nieuwe moederschap terecht te komen, maar het liep onverwachts anders en ik viel in een diepe put van verdriet.

Elke dag van Aarons leven wist ik dat het mijn laatste dag met hem kon zijn. Langzaam drong het tot me door dat ik alleen het moment zelf had om zijn moeder te zijn en van hem te houden. Mijn verdriet en mijn vreugde bij het zien van Aaron waren nauw met elkaar verweven, en als ik bij hem was, moest ik beide accepteren. Op die manier werd Aaron mijn zenmeester, die me leerde met aandacht te leven, ondanks mijn kwetsbaarheid.

Ik zocht destijds geen spirituele waarheden en was niet gelovig, maar ik was maatschappelijk betrokken en agnostisch. Wat er op de dag van Aarons begrafenis gebeurde, had ik dan ook nooit verwacht. Terwijl ik een handje aarde op Aarons kistje liet vallen nadat het in het graf was geplaatst, hoorde ik een stem zeggen: ‘Je kijkt op de verkeerde plaats.’ Ik keek op en zag Aarons geest, een uitvergrote en stralender variant van het licht dat ik in zijn ogen had gezien, en zijn geest zei dat het goed was. Het troosteloze landschap van verdriet maakte plaats voor een wijds uitzicht op onbegrensde blauwe luchten.

Ik heb van Aaron van alles geleerd waar ik vroeger nooit voor open had gestaan: dat de geest het lichaam overleeft, dat liefde sterker is dan de dood en dat de wereld vol is van het heilige — ook op een begraafplaats waar je je kindje te ruste legt. Zijn zegen bestond uit een geschenk van altijd durende dankbaarheid voor zijn permanente aanwezigheid in mijn leven en voor het leven zelf.

In de 35 jaar dat ik nu psychotherapeut ben, heb ik het voorrecht gehad duizenden mensen te mogen begeleiden op hun reis door de woelige wateren van verdriet, angst en wanhoop, en hen te helpen de verrassende beloning van die reis te ontdekken. Toen Diane bij me in therapie kwam, was ze ontevreden en moe. ‘Mijn man behandelt me als een seksslavin,’ zei ze, ‘en dat is helemaal niet zo sexy als het misschien klinkt.’ De eerste jaren van hun huwelijk was zij net zo dol op seks als Dick, maar hoe minder haar verlangen werd, hoe veeleisender Dick werd. Hij verwachtte van haar dat ze altijd beschikbaar was als hij dat wilde, ongeacht haar eigen behoeften en gevoelens. In zeventien jaar huwelijk had Diane zich erop ingesteld hem te behagen en de bevrediging van haar man boven haar eigen belangen gesteld. Intussen had zich diep vanbinnen een verzet ingegraven, dat zei: ik ben hier niet alleen om jou te behagen. Ik ben hier niet alleen om jou te dienen. Ik verdien een relatie waarin jij ook de moeite wilt nemen om mij te behagen.

Omdat ze zich niet toestond zoiets te denken — laat staan hardop te zeggen — nam haar verzet de vorm aan van afkeer van seks met hem. Met tegenzin stemde Dick ermee in om met haar in relatietherapie te gaan. Maar hij had weinig geduld. Hij wilde dat zijn vrouw even snel werd genezen. Na een maand of zes kondigde hij zijn besluit aan, zonder overleg met Diane: ‘Ik kap ermee, we gaan uit elkaar.’

Vanaf dat moment bestond Dianes therapie voornamelijk uit werk aan haar verdriet en wanhoop vanwege het mislukte huwelijk. Ze zag zichzelf als in een donkere tunnel. Op mijn aanraden gaf ze zich toestemming de tunnel te verkennen en niet al te snel naar de uitgang te vluchten. Haar beeld van zichzelf als gevangene in die donkere, benauwde ruimte veranderde langzamerhand. Het verstikkende gevoel onder de drek begraven te zijn verdween en de tunnel werd wijder, een omgekeerde trechter. Daarna veranderde de tunnel in een soort geboortekanaal.

Diane bracht zichzelf via dit kanaal ter wereld. Haar geboorte bracht een verandering van haar zelfbeeld mee. De verlegen, zichzelf wegcijferende ‘muis’ met de drang om te behagen veranderde in een waarachtiger beeld van wie ze was: een vriendelijke, meelevende en waardige vrouw die in haar wijsheid verlangde naar wederkerigheid in relaties.

Door bewust in de donkere tunnel van haar wanhoop te blijven was Diane niet alleen begraven, maar ook herboren. Toen ze zich niet langer het slachtoffer van Dick voelde, begon ze in te zien dat zijn vertrek, met alle ellende van dien, haar door deze nauwe doorgang had geholpen naar een onwankelbaar geloof in haar leven en haar vermogen om lief te hebben.

Jenny was doodsbang voor diep water. Ze raakte in paniek bij het idee een duik in zee te nemen. Ook de verkenning van de woelige wateren van haar innerlijk leven durfde ze niet aan. Tijdens de therapie ontdekte Jenny het verband tussen deze twee soorten angst en haar angst voor haar vader, die de kinderen had opgevoed zoals een sergeant zijn peloton drilt. Iedereen werd geacht de ‘familienaam’ eer aan te doen door geen angst toe te laten of emoties te tonen. Wie daaraan niet kon voldoen, werd stelselmatig vernederd, met name Jenny, het ‘watje’ van de familie.

Jenny vond dat ze haar angst moest ‘loslaten’ en vroeg mij om hulp. ‘Goed’, begon ik. ‘De eerste stap is de angst toelaten — jezelf er niet om veroordelen en ook niet proberen er iets aan te veranderen.’ Jenny vond het geen geweldig idee. Ik denk dat ze mij ook een beetje een watje vond.

Pas na maanden was ze zover dat de emotionele alchemie kon beginnen: een nieuwe functie geven aan haar angst. Haar doel was niet meer de angst te laten verdwijnen door zich te vermannen en een masker van onkwetsbaarheid te dragen, maar de angst doorvoelen en er niet voor weglopen. Dat voelde aanvankelijk als ‘in de emotie wegzinken’ en verdrinken. Om haar te helpen de verdrinkingsmetafoor te herzien, beschreef ik haar voornemen om in contact te komen met deze emotie als een moedige daad. Jenny’s fobie was ontstaan doordat ze haar angst had bestreden. Misschien kon ze de fobie verhelpen door te leren met angst te zwemmen in plaats van de angst onder water te duwen.

De tweede stap was de waarde te erkennen van de emotie die in haar familie altijd als iets verwerpelijks was afgeweerd en onderdrukt. Jenny herhaalde de uitspraak — al geloofde ze er op dat moment nog niet in — dat angst een aanvaardbare menselijke emotie is.

In stap drie moest ze het angstgevoel gaan verdragen in plaats van er in paniek voor weg lopen zodra het bovenkwam. Deze stap noem ik ‘beleving’ om te benadrukken dat emoties voelbare energieën in het lichaam zijn. Veel mensen verwarren hun gedachten en overpeinzingen met gevoelens omdat ze de beleving van emotionele energie in het lichaam niet kennen, laat staan die energie kunnen laten stromen.

Bij de vierde stap, contextualisering, moest Jenny haar aandacht voor angst in haar lichaam uitbreiden naar de angst in de context van haar familie. De familiecultuur van ontkenning van angst, die dagelijks werd versterkt door de meedogenloze houding van haar vader tegenover iedere blijk van emotie, was er de oorzaak van dat Jenny zichzelf zag als een hopeloze lafaard, die geen respect of liefde waard was. Toen Jenny zich van deze context bewust werd, kwam de openbaring: ze was de ‘draagster’ van emotie voor het gezin en werd daarvoor gestraft. Maar ze hoefde zichzelf niet te straffen. Eindelijk hoefde ze zichzelf niet meer te verwijten dat ze een ‘watje’ was.

De vijfde stap was de ‘weg van niets doen’. Onder psychologen heet dit het opbouwen van affecttolerantie. Jenny had zichzelf een doel gesteld: Long Pond op Cape Cod overzwemmen, als het ultieme bewijs dat ze van haar fobie was ‘genezen’. Ik leerde haar hoe ze zichzelf in het water kon voorstellen en bewust door de opkomende angst heen ademde. Het duurde lang voordat ze klaar was voor de zesde stap: ‘de weg van doen’. Wat haar te doen stond, was duidelijk voor Jenny, zoals vaak bij mensen met een fobie: datgene doen waar ze bang voor was.

Jenny is inderdaad over Long Pond gezwommen, voortdurend vergezeld van de angst. Ze was bang dat dit betekende dat ze de fobie toch niet had overwonnen en was verbaasd toen ik zei: ‘Dat is nou moed: de angst voelen in plaats van bestrijden, en je er toch niet door laten weerhouden. Je hoeft nu alleen maar met je angst mee te blijven zwemmen en dan zul je zien dat de angst verandert, en jij daarbij.’

Een jaar later kreeg ik een kaart van Jenny waarin ze schreef dat ze mijn advies had opgevolgd. ‘Ik voel me voor het eerst van mijn leven vrij,’ schreef ze, ‘niet alleen om te zwemmen, maar ook om in het diepe te genieten en mezelf te waarderen!’ Het kaartje was ondertekend met ‘Geen watje meer, Jenny’.

Jenny had de zevende stap van emotionele alchemie zelf ontdekt: overgave. Door met haar angst mee te zwemmen had ze zich ervoor opengesteld en haar volledige scala aan emotionele gevoeligheden herwonnen. De beloning van deze reis was het plezier dat ze voortaan aan het water en zichzelf beleefde.

Niets is zo heel als een gebroken hart,’ zei de joodse wijze Menachem Mendle. ‘Het donker heeft zijn eigen licht,’ schreef de dichter Theodore Roethke. Filosoof Albert Camus formuleerde het weer anders: ‘Midden in de winter vond ik in mezelf een onoverwinnelijke zomer.’

De kunst van emotionele alchemie is misschien wel het best te begrijpen via poëzie. De donkere emoties hebben een intelligentie en transformerende kracht die in onze emotiefobische cultuur tamelijk onbekend is. Om deze alchemie mee te maken, zijn drie zaken onontbeerlijk: je moet aandacht hebben voor emoties, contact maken met de emotionele energie van het lichaam en je overgeven aan de stroming van die energie — ook al is die zo langzaam dat er geen beweging in lijkt te zitten.

Het is een in wezen niet—lineair, vaak chaotisch proces, waarvan ik met de zeven stappen in de geschiedenis van Jenny een systematische beschrijving heb willen geven. In alle verwarring van verdriet, angst of wanhoop kan het gevoel optreden dat het allemaal ‘nergens toe leidt’ en kan de daarbij opgeroepen angst ertoe leiden dat het proces wordt afgebroken. Daarom is het vermogen tot overgave misschien wel de moeilijkste en meest cruciale stap van allemaal. Het is het heilige of spirituele aspect van de dans van donkere emoties: erop vertrouwen dat datgene wat aanvoelt als emotionele chaos creatief en doelgericht kan zijn, als we ons eraan overgeven dat we niet weten waar we uitkomen.

Creatief werk en bidden zijn twee goede manieren om je over te geven zonder dat er een specifiek talent of geloof voor nodig is. Zing op je verdriet, dans op je wanhoop, speel met je angst. Zing, schrijf, schilder: iedere open vorm van creativiteit is een daad van overgave die buiten het verstand om gaat. Daar kun je het bijzondere, intuïtieve geschenk van de emoties vinden en er vervolgens op leren vertrouwen, ook als ze pijn doen.

En iedereen kan bidden, op een eenvoudige manier, vanuit het hart. De drie basisgebeden komen hierop neer: help me, bedankt, en ik geef me over. Er is geen godsdienstige overtuiging voor nodig om hulp te vragen uit een bron of kracht buiten je gewone ego, of om dankbaarheid uit te drukken voor wat je in je leven hebt gekregen. Of om de kunst van openhartige overgave te beoefenen door ‘Het zij zo’ te zeggen als je liever zou roepen: ‘Nee!’

Wanneer je hart is gebroken, staat het het meest open. Dankzij die openheid kun je genezen. Zo vind je verlichting in de duisternis. Of zoals Leonard Cohen zong: ‘Overal zit een barstje in, daar breekt het licht doorheen.’


Miriam Greenspan is een Amerikaanse psychotherapeut en auteur van Genezen door te leven: De helende kracht van onze duistere emoties.



donderdag 26 april 2012

Wat is meditatie écht..?

Meditatie is een van de grootste cadeaus die je jezelf in je leven kan geven, stelt Ghislaine Engelhardt-Werner van Boeddhistische organisatie Rigpa. Wetenschappelijk onderzoek heeft namelijk aangetoond dat het je gelukkiger maakt. Het versterkt je concentratievermogen en het helpt bij somberheid of angst. Ook je immuunsysteem heeft er baat bij en het draagt bij aan het verlagen van een hoge bloeddruk. Maar hoe werkt meditatie eigenlijk?

Op een dieper niveau is meditatie een proces waarbij je je eigen geest leert kennen. Het is een manier om je geest te leren begrijpen en om ermee te leren werken, zodat je ontdekt hoe je het enorme potentieel dat je hebt daadwerkelijk kunt benutten. Meditatie heeft niets te maken met het bereiken van een staat waarin je alles blokkeert en helemaal nergens meer aan denkt. Het gaat ook niet over het bereiken van een uitzinnige staat van vrede of openheid en het gaat er ook niet om je tegen je gedachten en emoties te verzetten, zodat ze helemaal verdwijnen.

De daadwerkelijke beoefening van meditatie is echt heel simpel. Alles wat je moet doen is rechtop zitten, op een comfortabele en relaxte manier. Je laat je ogen open en laat je blik op een natuurlijke en relaxte manier rusten. Dan ontspan je je geest. Je staat je geest toe te laten zijn zoals die is. Op een open, ruime, kalme en tegelijkertijd volkomen aanwezige manier. Je laat simpelweg je gedachten en emoties, of wat er ook maar opkomt, komen en gaan. Zonder naar iets te grijpen, aan iets te hechten of aan iets vast te houden. Laat los, ontspan en verblijf in het zuivere gewaarzijn van het huidige moment. Als we zo onze geest toestaan tot rust te laten komen, in zijn eigen natuurlijke vrede, ontdekken we een diepe stilte die altijd bij ons is. Op dát moment ontdekken we het echte doel van meditatie: onszelf introduceren in het onveranderlijke zuivere gewaarzijn, dat aan alle ervaringen in ons leven ten grondslag ligt. Door het beoefenen van meditatie worden we steeds vertrouwder met deze vorm van gewaarzijn en daarmee ook met de verschillende aspecten van ons leven. Dat is wat meditatie écht is.

Eenvoudig in praktijk brengen
Via de site www.whatmeditationreallyis.com kun je eenvoudig thuis op je eigen tempo een 10-stappen introductie in meditatie volgen. De cursus, waarbij je meditatie daadwerkelijk in de praktijk brengt, is gratis en je hoeft je niet in te schrijven. Middels korte filmpjes ontvang je tevens adviezen en aanwijzingen van grote meditatiemeesters. Ook kun je middels een blog en een forum vragen stellen en of je ervaringen delen.

Wat meditatie écht is is ontwikkeld door de wereldberoemde meditatieleraar Sogyal Rinpoche, met als doel meditatie voor iedereen mogelijk en toegankelijk te maken, zodat iedereen hier zijn of haar voordeel mee kan doen. Sigpa organiseert van 3 t/m 6 mei een retraite met Rinpoche. Meer informatie: www.rigpa.nl


woensdag 25 april 2012

Nieuwe boeken over Meditatie

dinsdag 24 april 2012

Bevrijd jezelf van angsten en oude gewoonten

'Een fijn, toegankelijk en praktisch boekje'.

Wanneer het leven plotseling tegenzit, zijn we geneigd onze frustratie af te reageren op onszelf of anderen. We lijden en blokkeren. Niet nodig, zegt Chödrön.

Zij maakt helder wat we doen bij onverwachte, kleine teleurstellingen, moeilijkheden of pijn. Iemand heeft bijvoorbeeld kritiek op je werk, op hoe je eruitziet, of op je kind. Je reactie: iets in jou krimpt ineen, sluit zich. Boeddhisten noemen dit verschijnsel 'shenpa'.

Om onze pijn te verzachten worden we gewoonlijk boos en gaan we tekeer; we grijpen naar sigaretten of drank. Het lucht misschien even op, maar het lost het lijden niet op. Chödrön introduceert een nieuwe manier om op shenpa te reageren. Stop even en open je hart, zegt zij, en ga op zoek naar moed en compassie om door te gaan. Het zal een bevrijdende werking hebben. De warme en bemoedigende toon van Chödrön zal je helpen dit alternatief in praktijk te brengen.

Pema Chödrön is een Amerikaanse boeddhistische non en een vooraanstaand leerling van Chögyam Trunpa en Sakyong Mipham. Ze geeft les aan de Gampo Abdij in Nova Scotia. Ze geeft veel lezingen en meditatiecursussen. In Europa is ze vooral bekend als auteur van o.a. 'Als je wereld instort' (2008).

De auteur, een boeddhistische non, legt uit hoe je om kunt gaan met 'shenpa'. Dat is een boeddhistische term voor het gevoel dat men krijgt als er iets gebeurt waardoor we teleurgesteld, boos, angstig, geirriteerd of gekwetst worden. Shenpa blijkt een ervaring te zijn die men juist kan gebruiken om deze op te nemen in zichzelf en te transformeren. Tal van tips staan in het boek. Ze worden genoemd aan de hand van voorbeelden van de auteur zelf en de antwoorden die zij van haar boeddhistische leermeesters kreeg.

De tips komen neer op: pauze nemen, doorleven van het gevoel, accepteren van het zelf met dat gevoel en afstand nemen. Helder worden, begrip krijgen en liefdevol reageren naar zichzelf is daarvan het eerste gevolg. Daarna volgen bijna automatisch begrip en liefde voor anderen, ook in situaties die eerder heftige reacties met zich meebrachten.

Achterin een lijstje van aanbevolen literatuur, adressen en verwijzingen naar websites.
Een fijn, toegankelijk en praktisch boekje.



vrijdag 20 april 2012

Mindfulness en Angsten

Angst is een natuurlijke reactie, die nodig is om ons een gevaar te laten signaleren en de nodige energie vrij te maken om daar op een goede manier mee om te gaan. Als angst overmatig wordt, heeft die echter een negatieve invloed op ons welbevinden en op ons sociaal functioneren.

Angst die overmatig wordt kan verschillende vormen aannemen:
  • Angststoornis: aanhoudende angst die buiten proportie is met de realiteit van het moment en meestal gepaard gaat met piekeren, rusteloosheid, vermoeidheid, concentratieproblemen, prikkelbaarheid, spierspanning en slaapproblemen. Soms zijn er paniekaanvallen met angst voor een nieuwe aanval . Angst voor de angst wordt vaak overheersend.
  • Hypochondrie: aanhoudende ongegronde angst met de overtuiging een ziekte te hebben.
  • Fobie: hevige angst voor iets waardoor men probeert het te vermijden. Dit kan zich richten op dingen of situaties waar men denkt moeilijk te ontkomen of situaties waarin men wordt blootgesteld aan een mogelijke kritische blik van anderen.
  • Posttraumatische stressstoornis: herbeleven van een traumatische gebeurtenis, het vermijden van prikkels die bij het trauma horen, verhoogde prikkelbaarheid, overdreven schrikreacties en/of concentratieproblemen.
Wat kan je zo allemaal opmerken bij angst?
Hartkloppingen, transpireren, tintelingen, duizeligheid, trillen, benauwdheid, maagklachten.
Rusteloosheid, snel vermoeid zijn, concentratieproblemen, prikkelbaarheid, slaapproblemen.

De focus van de angst kan zich richten op:
  • Controleverlies
  • Gek worden
  • Doodgaan
  • Hulpeloosheid
  • Objecten of situaties of anderen
  • alle mogelijke problemen die het leven kunnen komen
  • ernstige lichamelijke ziekte

Mindfulness leert je….
  • Angst in het juiste perspectief te plaatsen
  • Gedachten en oordelen niet als verpletterende waarheden te ervaren of interpreteren.
  • Nieuwe aandacht geven aan de signalen van het lichaam op een niet reactieve manier waardoor de stresscyclus waarbij angst zich opbouwt wordt doorbroken.

Wetenschappelijk onderzoek:
MBCT (Mindfulness based cognitive therapy) helpt patiënten met angststoornissen.

Onderzoekers in de USA onderzochten patiënten met angststoornissen voor en na het volgen van een MBCT training. De patiënten die de MBCT training volgden ervoeren minder angst, spanning, stemmingsstoornissen in vergelijking met de controlegroep. Ze zijn zich ook meer bewust van hun eigen gedachten, gevoelens, ervaringen en kennen een verbetering in de algemene gemoedstoestand.




donderdag 19 april 2012

Mindfulness en (chronische) pijn

De beste manier om met pijn om te gaan is jezelf zachter te maken in plaats van er weerstand aan te bieden. De pijn is er toch al en je kunt er dus maar beter vriendschap mee sluiten. Dit gaat niet vanzelf. Om dit te oefenen is de mindfulnesstraining ooit ontwikkeld.

Bijna dertig jaar geleden startte Jon Kabat-Zinn in het academische ziekenhuis van de universiteit van Massachusetts yoga- en meditatielessen voor een groep patiënten die medisch uitbehandeld waren, maar pijn bleven houden. Het ging om mensen met ingewikkelde breuken die niet geopereerd konden worden, mensen met onbegrepen klachten en kankerpatiënten.

Leren leven met pijn
Chronische pijn is pijn die meer dan een half jaar duurt of gedurende lange tijd telkens terugkeert, en niet gemakkelijk verlicht kan worden.

Kabat-Zinn: “Veel mensen krijgen uiteindelijk, na een lang en vaak frustrerend behandelingstraject, van hun arts te horen dat ze maar moeten ‘leren leven’ met hun pijn. Maar vaak, te vaak, wordt hun niet geleerd hoe. Te horen krijgen dat je met pijn moet leren leven, zou niet het einde van het verhaal moeten zijn – het zou het begin ervan moeten zijn.”

Zelf iets doen
Kabat-Zinn leert patiënten dat ze zelf iets kunnen doen om de pijn het hoofd te bieden. “Mensen met de instelling dat de dokter ‘er iets aan moet doen’ of ‘de pijn moet laten verdwijnen’ zijn geen goede kandidaten. Zij zullen niet begrijpen dat het nodig is om zelf verantwoordelijkheid voor verbetering van hun aandoening te nemen.”

Tussen de oren
Kan meditatie waardevol zijn bij het leren leven met pijn? Ja. Dit betekent niet dat pijn ‘tussen de oren zit’ en dat je het kunt wegdenken. “Het betekent wel dat je lichaam en je geest niet twee duidelijk onderscheiden entiteiten zijn en dat pijn daarom altijd ook een mentaal bestanddeel heeft. Dit betekent dat je de pijnervaring altijd in zekere mate kunt beïnvloeden door de innerlijke hulptroepen van de geest te mobiliseren.”

Bewustzijn heeft geen pijn
Als je pijn hebt, dan ben je geneigd om je daarvan af te keren. Kabat-Zinn vraag cursisten juist om het bewustzijn naar de pijn toe te brengen. Hij stelt dan de vraag: Heeft het bewustzijn pijn? Het antwoord is nee. Het bewustzijn heeft geen pijn. Zijn advies is daarom: wees je meer bewust. Wees meer in je bewustzijn – zo geef je minder voeding aan de pijnervaring.

Ontleend aan: Jon Kabat-Zinn. Handboek Meditatief Ontspannen. Effectief programma voor het bestrijden van pijn en stress. Becht, 2000.

Let wel: Mindfulnesstraining is geen vervanging van medische behandeling. Het is goed om pijnklachten altijd eerst medisch goed te laten onderzoeken en waar mogelijk te behandelen.